‘Amme-nooit-nie dat er zonnepanelen op de voorkant van ons huis komen.’ Dat riep ik vol overgave toen we 10 jaar geleden ons huis uit 1978 kochten. In 2013 toen we zonnepanelen kregen aan de achterkant hield ik nog steeds voet bij stuk. ‘Ja, maar mevrouw. Die bomen aan de achterkant verlagen het rendement,’ sputterde de expert nog tegen. ‘Ik weet het, maar we gaan die bomen niet kappen en die panelen komen echt niet aan de voorkant. Dat ziet er niet uit.’ Mijn beslissing was genomen.

Dat kan anders

Want ik was wel voor verduurzaming, absoluut, maar het moest nog wel een beetje esthetisch verantwoord blijven. Dus deden we ondertussen andere dingen wel. Zo isoleerden we de ramen, maakten we extra ramen voor daglicht, installeerden we led-Lampen, ging het gas eruit bij het vernieuwen van de keuken en hebben we een ecologische bijenvoer-tuin.

‘Mijn duwtjes in de rug waren vooral lessen van Naomi Klein en Wubbo Ockels.’

De duwtjes naar duurzame energie

Heroverwegen ging niet vanzelf. Mijn duwtjes in de rug waren vooral lessen van Naomi Klein en ‘The final speech’ van Wubbo Ockels. Ook werd er ‘geduwd’ in de milieudefensie-bus naar Parijs. Ik zit erin om mee te demonstreren tijdens de onderhandelingen over het nieuwe klimaatverdrag. Tijdens de reis zijn er films. Geen Hollywooddingen met een clichématig happy end, maar activistenfilms die me laten zien welke lelijke dingen er in de wereld gebeuren om ons van fossiele energie te voorzien.

‘Ik wil niet weg, ik voel me thuis op deze plek.’

The final push

En toen veranderde onze situatie: de kinderen gingen uit huis. Nu wordt ons grote huis het merendeel van de tijd gebruikt door twee mensen. En dat voelt niet oké. Wat doen we? Verhuizen of energieneutraal wonen en dus zelf al onze elektriciteit opwekken? Ik wil niet weg, ik voel me thuis op deze plek. De band met de mensen en de natuur om ons heen is belangrijk. De uitslag is simpel: we gaan nergens heen, maar er moet wel iets gebeuren.

‘Inmiddels kan ik zeggen: het is het meer dan waard.’

Van een beetje duurzaam naar totale onafhankelijkheid

Na die beslissing gebruiken we alle kennis die we al een paar jaar verzamelden. . Zochten  naar een team van vakmensen die bereid zijn om met ons samen op onderzoek uit te gaan en technisch haalbare oplossingen te bedenken. Uiteindelijk duurde de ombouw vijf maanden: de heteluchtverwarming ging eruit, vloerverwarming erin, een warmtepomp werd geplaatst en die vervloekte zonnepanelen kregen hun plek. Iets waar ik lang niet aan wilde, maar waar ik nu met trots naar kijk. Want ja, er liggen nu  46 panelen op de VOORKANT van het huis. En inmiddels kan ik zeggen: ‘dat is het meer dan waard.’    

En dat verdien je terug?

Nee, was het maar zo’n feest. We verdienen onze investeringen niet zomaar terug met onze energierekening., maar we hebben wel een comfortabel, modern huis uit 1978 zonder energiekosten of emissies. Een huis dat straks, vijftig jaar oud, geheel bij de tijd is en gewoon verkocht kan worden. Dan is de investering ook economisch lonend. Maar daarnaast hebben we vooral een stap willen zetten naar een volhoudbare wereld en dat is zelfs ons nieuwe aanzicht meer dan waard. 

Hoe zit het bij jou? Welke mogelijkheid zie jij om met je huis een stapje in de volhoudbare richting te zetten?

Ilse Meelberghs