Eerste termijn Programmabegroting 2027-2030 Vitaal Perspectief

Het logo van de politieke partij Vitaal Perspectief met een boompje, een riviertje en de vorm van gemeente Roerdalen.

Voor ons ligt de programmabegroting 2027-2030. Deze bevat niet alleen de financiële vooruitblik voor de komende vier jaar, maar schetst ook de strategische koers van het college. Die koers is gebaseerd op "Het akkoord", dat wordt gepresenteerd als een raadsbreed akkoord. Vitaal Perspectief heeft dit akkoord echter niet ondertekend, omdat daarin naar onze mening belangrijke onderwerpen ontbreken of onvoldoende aandacht krijgen. Diezelfde indruk kregen wij bij het lezen van deze begroting.

Rol

Vitaal Perspectief is een nieuwe partij met eigen idealen. Tegelijkertijd hebben wij oog voor de politieke realiteit. Besluiten over beleid en de verdeling van middelen worden gezamenlijk genomen door de raad. Onze invloed is daarin beperkt, maar dat ontslaat ons niet van onze verantwoordelijkheid. Daarom hebben wij onszelf de vraag gesteld welke rol wij in dit debat willen spelen. De klassieke oppositierol, gericht op kritiek zonder invloed op de uitkomst, past ons niet. Hoewel wij het akkoord niet hebben ondertekend, onderschrijven wij wel het uitgangspunt van samen doen. Raad en college dragen immers gezamenlijk verantwoordelijkheid voor alle inwoners van Roerdalen, ook voor hen die het vertrouwen in de politiek zijn kwijtgeraakt.

Samen aan het roer

Binnenkort is het 25 jaar geleden dat de Wet dualisering gemeentebestuur werd ingevoerd. Sindsdien zijn raad en college afzonderlijke bestuursorganen, ieder met een eigen verantwoordelijkheid. Wat ons betreft, hoort dat ook zichtbaar te zijn in de manier waarop wij het debat voeren. Begrotingsdebatten zouden niet in de eerste plaats moeten gaan over de discussie tussen raad en college. Het startpunt zou moeten liggen bij het debat tussen de fracties onderling. Wij zijn immers de volksvertegenwoordigers. Het is onze taak om de belangen, wensen en zorgen van onze inwoners tegen elkaar af te wegen en daaruit politieke keuzes te maken. Dat vraagt dat wij, ook buiten verkiezingstijd, verbonden blijven met onze gemeenschap. Daarbij spreken wij nadrukkelijk niet alleen over onze kiezers, maar over alle inwoners van Roerdalen. Alleen wanneer wij oog hebben voor de samenhang tussen uiteenlopende belangen, kunnen wij komen tot evenwichtig beleid.

Het budgetrecht ligt bij de raad. Wij beslissen niet over het geld van het college, van de organisatie of van onszelf. Wij beslissen over het geld van onze gemeenschap. Daarom zou de discussie met inwoners niet alleen moeten gaan over wat men van de gemeente verwacht of zou willen ontvangen. De werkelijke vraag is welke keuzes prioriteit verdienen. Het is vervolgens onze taak om die wensen te wegen, met elkaar in balans te brengen en te vertalen naar een eerlijke en realistische begroting. Een begroting die bijdraagt aan stabiliteit, welvaart en welzijn. Juist in een tijd waarin zekerheden minder vanzelfsprekend zijn geworden, vraagt dat om realiteitszin, flexibiliteit en samenwerking.

De wereld om ons heen wordt grimmiger en meer gepolariseerd. Laten wij die polarisatie buiten deze raadszaal houden. Wij verschillen van politieke opvatting, maar delen dezelfde verantwoordelijkheid: het dienen van alle inwoners van Roerdalen. Samen doen. Daartoe is Vitaal Perspectief graag bereid. Wij willen daarom verder bouwen aan het duale stelsel. Dat begint met een debat tussen fracties, zodat de raad gezamenlijk heldere en breed gedragen kaders kan stellen voor het college. 

Dat betekent niet dat wij het college uit het oog verliezen. Integendeel. Het college heeft de moeilijke taak om met beperkte middelen uitvoering te geven aan de kaders die de raad stelt. Daarbij verwachten wij dat het college tijdig aangeeft wanneer kaders niet uitvoerbaar of onvoldoende realistisch zijn. Tegelijkertijd mag van het college worden verwacht dat het open is over knelpunten en uitdagingen die zich tijdens de uitvoering voordoen. Waar mensen samenwerken, worden fouten gemaakt. Juist daarom is vertrouwen belangrijk. Problemen die tijdig worden gedeeld, kunnen gezamenlijk worden opgelost voordat zij groter worden. Laten wij daarom niet alleen werken aan het vertrouwen van onze inwoners, maar ook aan het vertrouwen in elkaar. 

We willen afsluiten met de ondertitel van het akkoord: "Samen aan het roer voor een duidelijke koers naar de toekomst." Graag gaan wij samen met onze collega-raadsleden op zoek naar die koers. Niet omdat wij overal hetzelfde over denken, maar omdat wij dezelfde verantwoordelijkheid dragen voor de toekomst van Roerdalen.

Programma 1: Krachtige dorpen

Onze gemeente bestaat uit zes dorpen en de daarbij behorende buurtschappen. Niet de gebouwen maken deze dorpen tot gemeenschappen, maar de mensen die er wonen, werken, leren, zorgen en zich vrijwillig inzetten voor anderen. Juist die gemeenschappen staan onder druk. Het dagelijks leven wordt steeds complexer. Mensen reizen verder voor hun werk, jongeren verlaten hun dorp vaak tijdelijk voor een opleiding en vrije tijd wordt steeds minder binnen de eigen gemeenschap doorgebracht. Tegelijkertijd trekt de overheid zich verder terug uit de zorg en wordt een steeds groter beroep gedaan op mantelzorgers, verenigingen en vrijwilligers. Diezelfde vrijwilligers worden echter geconfronteerd met toenemende regels en hogere verwachtingen.
Krachtige gemeenschappen zijn daardoor niet langer vanzelfsprekend.

Een belangrijk motto van Roerdalen is Samen doen. Toch krijgt Vitaal Perspectief tijdens gesprekken in de dorpen regelmatig andere signalen. Wij spraken vrijwilligers die zijn afgehaakt omdat zij zich onvoldoende gehoord voelden. Anderen gaven aan dat het contact met de gemeentelijke organisatie moeizaam verloopt of zelfs ontbreekt. Ook hoorden wij regelmatig dat inwoners niet weten wie namens hen met de gemeente spreekt of hoe belangen uiteindelijk worden afgewogen. Wanneer vervolgens wordt gesteld dat besluiten in goed overleg met omwonenden tot stand zijn gekomen, leidt dat bij sommige inwoners tot verbazing. Zij herkennen zichzelf niet altijd in dat beeld.

Volgens ons zijn dit zorgelijke signalen. Als inwoners en vrijwilligers zich niet gehoord of vertegenwoordigd voelen, komt dat de kracht van onze dorpen niet ten goede. Daarom stellen wij onze collega-raadsleden twee vragen:

  • Herkennen jullie deze signalen vanuit de samenleving?
  • Delen jullie de opvatting dat de ambitie om samen met inwoners beleid vorm te geven in de praktijk nog onvoldoende wordt waargemaakt?

Het is ons daarnaast opgevallen dat de gemeente overleg met inwoners vaak vormgeeft via stichtingen en andere maatschappelijke organisaties. Laat duidelijk zijn dat deze organisaties waardevol werk verrichten. Tegelijkertijd beschikken zij niet over een directe democratische legitimatie. Ook hierover krijgen wij signalen van inwoners die zich niet altijd vertegenwoordigd voelen door de organisaties die namens hun gemeenschap aan tafel zitten. Daarom vragen wij onze collega-raadsleden:

  • Herkennen jullie dit beeld?

En aan het college vragen wij:

  • Hoe bepaalt u of gesprekspartners daadwerkelijk een gemeenschap vertegenwoordigen?
  • Op welke wijze toetst u of inwoners zich in die vertegenwoordiging herkennen?

Deze vragen raken direct aan het nieuwe accommodatiebeleid. Om goede keuzes te maken moeten wij weten wat onze gemeenschappen vandaag én morgen nodig hebben. Daarom vragen wij ons af:

  • Hebben wij voldoende inzicht in de huidige en toekomstige behoeften?
  • Hebben gemeente en beheerders voldoende zicht op toekomstige wettelijke eisen aan accommodaties?
  • En hoe worden deze ontwikkelingen verwerkt in het nieuwe accommodatiebeleid?

Tot slot kunnen wij bij het thema krachtige dorpen niet om de vergrijzing heen. Hoe zorgen we ervoor dat ouderen zo lang mogelijk deel kunnen blijven uitmaken van hun eigen gemeenschap? Hoe bevorderen we doorstroming, zodat senioren passende woningen kunnen vinden en gezinswoningen beschikbaar komen voor jonge gezinnen? Hoe realistisch zijn onze woningbouwambities in het licht van stikstofbeperkingen en netcongestie? En in hoeverre houden onze bouwplannen rekening met nieuwe woon- en samenlevingsvormen?

Voor Vitaal Perspectief hangen krachtige dorpen, passende woningen, leefbare gemeenschappen en een goed accommodatiebeleid nauw met elkaar samen. Alleen wanneer we die samenhang blijven zien, kunnen we bouwen aan dorpen die ook in de toekomst vitaal blijven.

Programma 2: Participatie, ondersteuning en zorg

Vitaal Perspectief onderschrijft de ambities uit programma. 2. Helaas is bestaanszekerheid voor een te grote groep inwoners nog altijd geen vanzelfsprekendheid. Sommige inwoners hebben om uiteenlopende redenen een afstand tot de arbeidsmarkt. Dat beperkt niet alleen hun financiële mogelijkheden, maar leidt vaak ook tot sociale uitsluiting. Financiële ondersteuning blijft daarom belangrijk. Minstens zo belangrijk is het om mensen, waar mogelijk, te begeleiden naar betaald werk of een andere zinvolle bijdrage aan onze gemeenschap. Participatie is niet voor niets onderdeel van de titel van dit programma. In dat licht betreuren wij het dat de ontwikkeling van het Mensontwikkelbedrijf vertraging heeft opgelopen. Wij spreken de wens uit dat het MOB snel uitgroeit tot een zichtbare en waardevolle voorziening binnen onze gemeente. In een later hoofdstuk komen wij hierop terug.

De huidige geopolitieke ontwikkelingen laten zien hoe kwetsbaar veel huishoudens zijn voor stijgende energieprijzen. Financiële ondersteuning kan op korte termijn verlichting bieden, maar op langere termijn ligt de oplossing vooral in verduurzaming. Daarom roepen wij het college op om te blijven investeren in energiebesparende maatregelen, juist voor inwoners die zelf onvoldoende middelen hebben om die stappen te zetten. Daarnaast vragen wij aandacht voor de woningcorporaties. Ook zij hebben een belangrijke verantwoordelijkheid om hun woningvoorraad zo snel mogelijk te verduurzamen. Daarmee worden woonlasten verlaagd en neemt de afhankelijkheid van fossiele energie af.

Verder maakt Vitaal Perspectief zich zorgen over de ontwikkeling van de hulpverlening aan jeugd en gezinnen. Natuurlijk hebben wij oog voor de financiële druk die hiermee gepaard gaat. Nog groter is echter onze zorg over het toenemende aantal inwoners dat afhankelijk wordt van deze ondersteuning. Wachtlijsten vormen daarbij een groot risico. Problemen die in eerste instantie beperkt zijn, kunnen tijdens een langdurige wachttijd uitgroeien tot situaties met ingrijpende gevolgen voor het verdere leven van betrokkenen. Wij hopen daarom dat vroeg signalering, preventie en tijdige hulpverlening de komende jaren verder worden versterkt.

Tot slot willen wij een positief punt benoemen. De ontwikkelingen binnen de Mutsaersstichting stemmen ons hoopvol. Wij spreken onze waardering uit voor de inspanningen van bestuur en medewerkers om de problemen uit het verleden aan te pakken. Wij hopen dat dit traject spoedig kan worden afgerond, zodat alle aandacht weer volledig kan uitgaan naar de belangrijkste taak: het bieden van goede zorg en ondersteuning aan degenen die daarvan afhankelijk zijn.

Programma 3: Veilige dorpen

Veiligheid gaat niet alleen over de feitelijke situatie, maar ook over het gevoel van veiligheid. Beide begrippen zijn niet hetzelfde, maar wel nauw met elkaar verbonden. We leven in een tijd waarin bedreigingen steeds diverser worden. Onze inwoners hebben de gevolgen van klimaatverandering al aan den lijve ondervonden tijdens de overstromingen van 2021 en de grote brand in Nationaal Park De Meinweg. Tegelijkertijd laten internationale conflicten zien hoe afhankelijk we zijn van stabiele energievoorzieningen, digitale infrastructuur en andere essentiële systemen. Uitval van deze voorzieningen kan onze samenleving ernstig ontwrichten. Tegen die achtergrond is Vitaal Perspectief verheugd dat het college werkt aan een integraal veiligheidsplan.

Wij vragen daarbij bijzondere aandacht voor hoogwaterveiligheid. In dit hoofdstuk wordt vooral gesproken over het actualiseren van het draaiboek Hoogwater. Dat is belangrijk, maar volgens ons niet voldoende. Hoogwaterveiligheid vraagt om blijvende aandacht en voortdurende voorbereiding. Daarom willen wij onze collega-raadsleden het volgende vragen:

  • Zijn wij ons er voldoende van bewust dat sommige inwoners afhankelijk zijn van waterkeringen die niet voldoen aan de huidige veiligheidsnormen?
  • Herkennen wij dat veel inwoners, mede door de ervaringen van 2021, zich zorgen maken over de veiligheid van hun woning en bezittingen?
  • Zijn wij voldoende voorbereid op een toekomst waarin steeds meer verantwoordelijkheid voor zelfredzaamheid bij inwoners wordt neergelegd?

Na de overstromingen van 2021 is Waterveiligheid en Ruimte Limburg opgericht om samen met overheden te werken aan een structurele aanpak van waterveiligheid. Nadat eerst het stroomgebied van de Geul centraal stond, komt ook het stroomgebied van de Roer nadrukkelijk in beeld. Juist daarom maken wij ons zorgen over de beperkte ambtelijke capaciteit die beschikbaar is om deze ontwikkelingen te volgen en de belangen van onze inwoners te behartigen. Belangen die, wanneer kansen of middelen niet tijdig worden benut, later mogelijk tegen aanzienlijk hogere kosten moeten worden veiliggesteld. Daarom vragen wij onze collega-raadsleden:

  • Zijn jullie bereid om samen met Vitaal Perspectief bij het college aan te dringen op voldoende ambtelijke capaciteit voor de behartiging van de belangen van inwoners in het stroomgebied van de Roer?
  • Zo niet, hoe denken jullie deze belangen op een later moment alsnog adequaat te kunnen waarborgen? Ook het college horen wij hierover graag.

Vitaal Perspectief is daarnaast een groot voorstander van het stimuleren van zelfredzaamheid. Veiligheid begint bij preventie, maar vraagt ook om inwoners die weten wat zij moeten doen als preventie tekortschiet. Zelfredzame inwoners en gemeenschappen zijn beter voorbereid op crises, versterken de onderlinge verbondenheid en vergroten de veerkracht van onze samenleving. Bovendien draagt een grotere handelingsbekwaamheid bij aan een sterker gevoel van veiligheid. De aandacht voor hoogwaterveiligheid, noodscenario's en crisisbeheersing mag daarom niet beperkt blijven tot draaiboeken en professionele hulpdiensten. Ook inwoners moeten weten welke risico's er zijn en hoe zij kunnen handelen wanneer zich een calamiteit voordoet. Wij zien het daarom als een gemeentelijke taak om zelfredzaamheid actief te stimuleren en waar mogelijk te faciliteren.

Tot slot spreken wij onze waardering uit voor de samenwerking die in dit hoofdstuk op andere veiligheidsgebieden wordt gezocht. Veel veiligheidsvraagstukken houden zich niet aan gemeentegrenzen. Goede samenwerking blijft daarom essentieel om onze inwoners ook in de toekomst een veilige leefomgeving te bieden.

Programma 4: Economie, natuur, toerisme en duurzaamheid

Als landelijke gemeente met een agrarisch gebied in transitie staat Roerdalen voor grote uitdagingen. Tegelijkertijd bieden deze ontwikkelingen ook kansen voor onze economie, natuur en leefomgeving. Op pagina 27 lezen wij over haalbare en kansrijke transitieplannen dat wordt gewerkt met duidelijke kaders voor initiatiefnemers. Vitaal Perspectief onderschrijft dat uitgangspunt. Heldere kaders vragen echter om een duidelijke visie. Voor ons geldt daarbij de volgorde: visie, beleid en vervolgens uitvoering. Daarom willen wij het college de volgende vragen stellen:

  • Is er een integrale visie die ten grondslag ligt aan het beleidsstuk over vrijkomende agrarische bedrijven en gebouwen?
  • Aan welke beleidsmatige kaders worden aanvragen momenteel getoetst?

Daarnaast willen wij onze collega-raadsleden vragen:

  • Beschikken wij over een actuele visie op de toekomst van ons agrarisch gebied?
  • Zo niet, zijn wij bereid die gezamenlijk te ontwikkelen?

Op pagina 28 lezen wij bij energietransitie, klimaatadaptatie en biodiversiteit dat Roerdalen geen ambities nastreeft bovenop Europese en landelijke kaders. Vitaal Perspectief begrijpt deze keuze. Tegelijkertijd vragen wij ons af of een uniforme benadering altijd recht doet aan de unieke kwaliteiten van onze gemeente. Roerdalen beschikt met het Roerdal over een bijzonder landschap dat niet alleen van grote ecologische waarde is, maar ook kansen biedt voor recreatie en toerisme. Daarom willen wij onze collega-raadsleden de volgende vraag voorleggen:

  • Zijn wij bereid om, waar de kwaliteiten van ons landschap daar aanleiding toe geven, samen met partners zoals Staatsbosbeheer en andere terreinbeheerders te onderzoeken of een hoger ambitieniveau wenselijk en haalbaar is?

Vitaal Perspectief mist daarnaast een duidelijke visie op toerisme en recreatie. Het Roerdal behoort tot de meest bijzondere beekdalen van Nederland en biedt kansen om onze gemeente sterker te profileren. Wij zien mogelijkheden voor zorgvuldig recreatief medegebruik, waarbij natuurbeleving, toerisme en landschapskwaliteit elkaar versterken. Dat kan niet alleen bijdragen aan onze lokale economie, maar ook aan een groter maatschappelijk draagvlak voor natuurontwikkeling en natuurbeheer. Wij hadden bovendien graag meer aandacht gezien voor het kleine culturele erfgoed in onze gemeente. Juist dit erfgoed draagt bij aan de identiteit van onze dorpen en versterkt tegelijkertijd de aantrekkelijkheid van Roerdalen voor bezoekers. 

Hier willen wij ook een verbinding leggen met het Mensontwikkelbedrijf uit programma 2. Wij verzoeken het college te onderzoeken in hoeverre het mogelijk is het Mensontwikkelbedrijf een structurele rol te geven bij het onderhoud en behoud van ons cultureel erfgoed. Daarmee kan waardevol werk worden verricht voor onze gemeenschap, terwijl tegelijkertijd deelnemers aan het MOB een zichtbare, zinvolle en maatschappelijk gewaardeerde bijdrage kunnen leveren. Wat Vitaal Perspectief betreft komen hier meerdere ambities samen: behoud van erfgoed, versterking van de leefomgeving, participatie van inwoners en het vergroten van de aantrekkelijkheid van onze gemeente.

Programma 5: Woonomgeving

Wat betreft wonen hebben wij onder programma 1 al enkele opmerkingen gemaakt. Vitaal Perspectief hecht grote waarde aan voldoende woningen voor gezinnen, en in het bijzonder voor jonge starters. Tegelijkertijd zien wij dat de samenleving verandert. Het gezin is niet langer de enige dominante samenlevingsvorm. Alleenstaanden, senioren, samengestelde huishoudens en andere woonvormen vragen eveneens om passende huisvesting. Wanneer wij spreken over bouwen naar behoefte, vragen wij daarom nadrukkelijk aandacht voor de woonbehoeften van al deze groepen. Een toekomstbestendig woningbeleid houdt rekening met de diversiteit van onze samenleving.

Daarnaast onderschrijven wij het belang van een samenhangend en digitaal toegankelijk omgevingsplan. Los van de voordelen voor inwoners en ondernemers is dit ook een wettelijke opgave. Wel spreken wij onze zorg uit over de praktische werking van de Omgevingswet. De bedoeling was om procedures eenvoudiger en overzichtelijker te maken. Uit de praktijk bereiken ons echter signalen dat vergunningstrajecten niet altijd sneller of minder complex zijn geworden. Daarom willen wij het college vragen of het bereid is deze ervaringen, eventueel via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, onder de aandacht van het kabinet te brengen. Voor Vitaal Perspectief staat voorop dat regelgeving inwoners en ondernemers moet helpen in plaats van onnodig te belemmeren.

Programma 6: Mobiliteit, infrastructuur en openbaar groen

Het verbaast Vitaal Perspectief dat openbaar vervoer in dit programma nauwelijks aandacht krijgt. Juist voor ouderen, jongeren en minder mobiele inwoners is bereikbaarheid van groot belang. Hoewel Herkenbosch, Vlodrop en Posterholt redelijk zijn ontsloten, geldt dat niet voor alle dorpen. In sommige wijken is de afstand tot een bushalte inmiddels zo groot dat van een volwaardig toegankelijk openbaarvervoernetwerk nauwelijks nog sprake is. Melick, met slechts één bushalte, is daarvan wellicht het meest sprekende voorbeeld. Tegelijkertijd zien we elders in Nederland interessante ontwikkelingen. Steeds meer gemeenten experimenteren met mobiliteitshubs, waar openbaar vervoer, deelmobiliteit, buurtvervoer en fietsvoorzieningen op een slimme manier worden gecombineerd. Juist voor landelijke gemeenten kunnen dergelijke concepten bijdragen aan de bereikbaarheid en zelfstandigheid van ouderen en minder mobiele inwoners. 

Daarom willen wij het college en onze collega-raadsleden vragen of het niet verstandig zou zijn deze mogelijkheden nader te verkennen. Vitaal Perspectief denkt daarbij niet aan kostbare onderzoeken. Een werkbezoek aan enkele gemeenten die al ervaring hebben met dergelijke vervoersknooppunten zou wat ons betreft een mooie eerste stap kunnen zijn.

Wat betreft de Leisurezone. Wij zijn geschrokken van de passage op pagina 38. Nog los van de vraag waarom dit onderwerp binnen dit programma wordt behandeld, verbazen wij ons over het gemak waarmee gesproken wordt over een investering van € 1,68 miljoen. Ook wanneer Provincie Limburg een aanzienlijk deel van deze kosten voor haar rekening neemt, blijft het om een fors bedrag gaan. Wij zijn van mening dat de raad hierover veel eerder geïnformeerd had moeten worden. Daarbij speelt nog een tweede punt. In 2024 heeft de raad het krediet voor het kindcentrum zien stijgen van ruim vier miljoen naar ruim acht miljoen euro. Wanneer dat krediet nu mede wordt gebruikt voor onderdelen van de Leisurezone die destijds niet expliciet onderdeel waren van de besluitvorming, raakt dat volgens Vitaal Perspectief direct aan het budgetrecht van de raad. Daarom stellen wij aan zowel het college als onze collega-raadsleden de volgende vraag:

  • Vindt u dat de Leisurezone mag worden gerealiseerd binnen het krediet dat de raad beschikbaar heeft gesteld voor het kindcentrum?

Aan het college voegen wij daaraan de volgende vraag toe:

  • Indien het huidige krediet hiervoor gebruikt mag worden, kunt u dan garanderen dat het beschikbare budget van € 8.309.000 voldoende is om het volledige project af te ronden?

Ook de kwaliteit van herstelwerkzaamheden na werkzaamheden aan kabels en leidingen verdient aandacht. Te vaak zien inwoners dat bestrating en openbaar gebied niet in de oorspronkelijke staat worden teruggebracht. Daarom vragen wij het college:

  • Zijn de beschikbare vergoedingen voldoende om herstelwerkzaamheden volledig uit te voeren?
  • Zijn door aannemers voldoende garanties afgegeven voor de kwaliteit van het herstel?

Onze zorgen over de toestand van de riolering zijn daarnaast nog niet weggenomen. Op een later moment zullen wij hier met meer gerichte vragen op terugkomen.

Tot slot zouden wij graag zien dat de samenhang tussen openbaar groen, klimaatadaptatie, biodiversiteit en recreatie sterker tot uitdrukking komt binnen de programmabegroting. Wat ons betreft zou op termijn zelfs kunnen worden bekeken of de huidige indeling van de programma's nog voldoende aansluit bij deze samenhangende opgaven.

Programma 7: Bestuur, organisatie en dienstverlening

De veranderende maatschappelijke en economische omstandigheden vragen om een herbezinning op de taken en verantwoordelijkheden die wij als lokale overheid kunnen, willen en moeten dragen. Wij zien de door het college aangekondigde kerntakendialoog daarom met belangstelling tegemoet. Juist in een periode van financiële onzekerheid is het belangrijk om met elkaar vast te stellen welke taken voor onze gemeente essentieel zijn en welke minder prioriteit hebben.

Tegelijkertijd constateren wij een verschil in uitgangspunt tussen het college en Vitaal Perspectief. Het college beschouwt de begroting voor 2027 als financieel in balans. Wij plaatsen daar kanttekeningen bij. Die balans wordt immers mede bereikt door een beroep te doen op de algemene reserve. Het incidenteel inzetten van reserves is wat ons betreft niet bezwaarlijk. Onze zorg betreft vooral de ontwikkeling van de structurele inkomsten. De uitkomsten van de meicirculaire kunnen daarbij van grote invloed zijn op de financiële ruimte van onze gemeente. Juist daarom vinden wij het belangrijk om de discussie over kerntaken zorgvuldig te voeren. Definitieve keuzes maken zonder volledig zicht op de toekomstige financiële mogelijkheden, lijkt ons niet verstandig. Wij willen daarom voorstellen om in het presidium te bespreken hoe wij tot een zorgvuldig proces voor de kerntakendialoog kunnen komen, rekening houdend met de momenten waarop meer duidelijkheid ontstaat over de financiële positie van de gemeente.

Tot slot nog een opmerking over de Limburgse taal. Gezien de samenstelling van het college verbaast de aandacht voor dit onderwerp ons niet. Wij zijn graag bereid na te denken over de rol die de Limburgse taal speelt binnen ons cultureel erfgoed en onze regionale identiteit. Wel vragen wij ons af of hierover op dit moment prioritaire besluiten moeten worden genomen. Wanneer wij tegelijkertijd een fundamenteel gesprek voeren over de kerntaken van de gemeente, ligt het voor de hand om dergelijke afwegingen juist binnen die bredere discussie te plaatsen.
In dat verband sluiten wij aan bij eerdere opmerkingen over de samenhang tussen natuur, erfgoed, toerisme en identiteit. Voor een volgende begroting zouden wij daarom graag onderzoeken of de huidige programma-indeling nog optimaal aansluit bij de maatschappelijke opgaven waarvoor wij staan. Wij zien daarbij mogelijkheden voor een afzonderlijk programma rond Economie en Duurzaamheid en een programma waarin openbaar groen, natuur, cultureel erfgoed en toerisme gezamenlijk worden ondergebracht. Juist op die terreinen zien wij sterke inhoudelijke verbanden die in de huidige indeling onvoldoende zichtbaar zijn.