Rechtbank Limburg: gemeente Roerdalen in het gelijk gesteld in geschil met projectontwikkelaar

De Rechtbank Limburg heeft op 21 januari 2026 uitspraak gedaan in een procedure die projectontwikkelaar MG Real Estate heeft aangespannen tegen de gemeente Roerdalen. Volgens de projectontwikkelaar heeft het college van burgemeester en wethouders haar in de waan gelaten dat zij in de race was voor het ontwikkelen van een aanzienlijk bedrijventerrein langs de A73. Nadat de gemeenteraad zich uitsprak tegen de ontwikkeling daarvan, legde MG Real Estate een claim van meer dan 3 miljoen euro neer bij de gemeente. De Rechtbank heeft de gemeente nu in het gelijk gesteld.

De ontwikkelaar voerde vergaande gesprekken met Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg en de provincie over het ontwikkelen van het bedrijventerrein, terwijl de gemeente pas veel later inhoudelijk bij de kwestie werd betrokken. Het college van Roerdalen deed dan ook een beroep op de betrokken partijen om de discussie over een eventueel bedrijventerrein in de openbaarheid te voeren. Het is immers de gemeenteraad die mag beslissen of een bedrijventerrein mogelijk wordt gemaakt. 

Onduidelijke situatie

Bovendien bestond onduidelijkheid over de omvang, de exacte locatie en de behoefte aan een dergelijk bedrijventerrein. Verder plaatste de gemeente kanttekeningen bij de ontwikkeling van een bedrijventerrein in de landschappelijk waardevolle gebieden Leropperveld en Linnerveld. Vanwege de vele onduidelijkheden nam het college een neutrale houding aan, maar maakte wel de noodzaak tot meer informatie bekend.

Voorkeursrecht vanwege onrust

Tegelijkertijd werden grondeigenaren in het beoogde gebied al benaderd. Om grondspeculatie tegen te gaan, om de ontstane onrust weg te nemen en om de regie in handen te houden heeft het college op 3 februari 2022 aan de gemeenteraad voorgesteld om een voorkeursrecht te vestigen op de gronden in het gebied. Daarmee zou in alle rust en in de openbaarheid kunnen worden onderzocht in hoeverre een bedrijventerrein wenselijk was. Tijdens de behandeling van dat voorstel heeft de gemeenteraad een motie aangenomen waarin zij uitsprak niets te zien in een bedrijventerrein. Daarmee was de ontwikkeling van de baan.

Woo-verzoek en getuigenverhoor 

Het raadsbesluit was voor MG Real Estate aanleiding om verschillende procedures te starten. Zo werd een beroep gedaan op de Wet open overheid, werd de gemeente aansprakelijk gesteld en werden (oud-)leden van het college en (oud-)ambtenaren opgeroepen voor een getuigenverhoor. De projectontwikkelaar verweet het college dat zij haar aan het lijntje heeft gehouden terwijl zij in werkelijkheid de plannen nooit heeft zien zitten. Daardoor heeft MG Real Estate naar eigen zeggen onnodig hoge kosten gemaakt voor het ontwikkelen van de plannen, het opstellen van tekeningen en het doen van onderzoeken. 

Dagvaarding en vonnis

De kwestie leidde in 2025 tot een dagvaarding, waarover de Rechtbank nu heeft geoordeeld. De Rechtbank komt tot de conclusie dat geen sprake is van een toezegging van de gemeente aan MG Real Estate. MG Real Estate draagt onvoldoende feiten en omstandigheden aan op grond waarvan anders geoordeeld zou moeten worden. Tegen het vonnis kan hoger beroep worden ingesteld.